15 november 2018

Afscheid van een vriend

Enkele weken terug is meneer Bouwstra overleden. Voor hem had het leven lang genoeg geduurd. Hij leed enorm onder zijn eenzaamheid en afhankelijkheid. Zijn lichaam was op en zijn geest ook. Het leven had voor hem geen enkele waarde meer. Hij koos voor euthanasie en kreeg op een maandagmiddag in oktober een dodelijk middel toegediend.

Het is een triest verhaal over een eenzame inwoner van Zwolle. Over een man die op zijn sterfbed ligt, zonder vrienden en familie om hem heen. Het is de trieste situatie van een samenleving waarin mensen zonder netwerk en zonder contacten leven en sterven.

Toch stierf meneer Bouwstra niet in totale eenzaamheid. Er waren nog liefdevolle buren: een ouder echtpaar dat elke dag even om de deur kwamen kijken. Er was nog een toegewijde huishoudelijke hulp. En er was een maatje die we drie jaar geleden met meneer in contact brachten: Boaz, één van de laatste aanwezigen aan het sterfbed van meneer Bouwstra.

De afgelopen jaren bezocht Boaz meneer met enige regelmaat. Dat was niet altijd makkelijk. Meneer Bouwstra kon moeilijk naar anderen luisteren en praatte graag urenlang over zijn eigen briljante levensverhalen. Maar Boaz bleef meneer trouw bezoeken en luisterde geduldig naar dezelfde verhalen.

Dat deed hij ook in de afgelopen maanden waarin het bergafwaarts ging met meneer Bouwstra. Zijn gezondheid liet steeds meer te wensen over. Op het laatste moment kon hij alleen nog maar liggen op zijn bed. Zijn situatie was niet meer vol te houden en hij besloot dat het genoeg was geweest.

Op de avond voor de euthanasie gaan we met Boaz mee om afscheid van meneer Bouwstra te nemen. We ontmoetten een uitgemergelde man die geen zin meer heeft om verder te leven. ‘Ik ben al dood’, vertelt hij ons. Het is verdrietig en moeilijk om iemand zo te zien lijden. We praten nog een laatste keer over het leven van meneer. We luisteren nog één keer naar zijn indrukwekkende verhalen. Dan nemen we afscheid. Het voelt vreemd, wat moet je nog zeggen op zo’n moment? Meneer Bouwstra houdt de hand van Boaz een lange tijd vast en zegt dan: “Jij was een vriend voor me.”

Een week later zitten we bij de crematie van meneer Bouwstra. We zijn maar met vijf aanwezigen: twee buren, de hulp, Boaz en wij van Hart voor Zwolle. Meer mensen zijn er niet om afscheid te nemen van deze man. Tijdens de kleine ceremonie gaan de gedachten door je hoofd: het maakt je triest als je denkt hoe eenzaam iemand moet zijn geweest, het voelt zo verdrietig om te weten dat er nog zoveel meer mensen in de stad onzichtbaar en in eenzaamheid leven.

Gelukkig is daar tijdens de ceremonie Boaz die een indrukwekkend in memoriam over meneer Bouwstra voorleest. Zijn woorden en aanwezigheid geven ons iets hoopvols: gelukkig zullen er ook altijd jongeren zijn die blijven omzien naar hen die niet gezien worden. Gelukkig zijn er altijd weer mensen die vriend en familie zijn, zelfs als er geen vriend of familie meer is.